Home / Achtergrond / Indonesië

Indonesië

Al vanaf de tijd van de VOC verschijnen er in Indonesië met de regelmaat van de klok boeken en boekjes. Bekend is ds. Melchior Leijdecker. En al in 1629 een vertaling van het evangelie van Mattheus in het Maleis, van de hand van Albert Cornelisz. Ruil, gedrukt in Enkhuizen.

In het midden van de 19e eeuw krijgt de productie van theologische boeken meer structuur. In 1852 wordt een Vereniging ter bevordering van Maleis-Christelijke Lectuur opgericht. Deze vereniging heeft bij haar 75-jarig bestaan in 1928 70 verschillende titels in de verkoop.

Ook de Nederlands-Indische Zendingsbond is actief op dit gebied. Vanaf 1906 tot in de 20-er jaren is een lectuur-commissie aan het werk met de klinkende naam Papieren Zendeling.

 

Met het zelfstandig worden van de kerken in Indonesië nam de behoefte aan eigen theologische literatuur sterk toe. Toch kwam er pas na de 2e Wereldoorlog, dus na beëindiging van het koloniale tijdperk) een nieuwe impuls. Onder druk van de omstandigheden wordt een Nood-commissie Kerk en Zending opgericht, in welke commissie wijlen prof. dr. J. Verkuyl een belangrijke tol speelde. In 1950 krijgt deze commissie de naam: Badan Penerbit Kristen (BPK), uitgever van christelijke literatuur in Indonesië. Vanaf dat moment ziet een groot aantal boeken het licht. Het merendeel bestaat echter uit vertalingen uit het Engels en Nederlands. Er zijn maar weinig schrijvers uit Indonesië zelf. Verkuyl zelf was erg actief: hij schreef een 30-tal boeken en brochures. Van de Indonesische schrijvers dient met name dr. J.L.Ch. Abineno vermeld te worden, die een aanzienlijke hoeveelheid publicaties op zijn naam heeft staan.

In de eerste jaren na de Onafhankelijkheidsverklaring (1945/1949) was men echter nog voornamelijk georiënteerd op de Nederlandse theologie; vrijwel iedereen kon immers Nederlands lezen! Pas vanaf omstreeks de 60-er jaren werd echt begonnen aan de opbouw van een theologische bibliotheek in het Indonesisch. Vanuit Nederland werd door de Gereformeerde Zendings Bond (GZB) hoge prioriteit aan dit werk gegeven, vooral in de persoon van dr. Th. van den End. Vanaf het begin legde deze zich vooral toe op bronnenpublicaties, bijvoorbeeld werken van Luther, de Institutie van Calvijn, de Apostolische Vaders (Augustinus).